De thermische prestatie van een isolerend deel in een bouwknoop wordt gekenmerkt door de lineaire warmtedoorgangscoëfficiënt Ψ (uitgedrukt in W/mK). Deze warmtedoorgangscoëfficiënt geeft aan welke toeslag (verschil tussen de numerieke tweedimensionale berekening en de ééndimensionale referentie op basis van buitenafmetingen) men moet aanrekenen op het warmtetransport dat op basis van U-waarden berekend is. Ψ-waarden kunnen negatief zijn wanneer de referentieberekening een overschatting geeft van de werkelijk optredende warmtestroom.

De temperatuurfactor f is een indicator voor de laagste binnenoppervlaktetemperatuur Θsi ter plaatse van een detail, met Θi en Θe de temperatuur binnen, respectievelijk buiten. De temperatuurfactor f heeft een waarde tussen 0 en 1.



Bij een te lage binnenoppervlaktetemperatuur is het mogelijk dat oppervlaktecondensatie en schimmelvorming optreedt. Afhankelijk van het type gebouw worden minimale waarden voor f ≥ 0,80 vooropgesteld.

Bij wijze van voorbeeld stellen we hieronder de berekening voor van zowel de Ψ-waarde als de temperatuurfactor f voor een typische toepassing zoals de funderingsaanzet, waarbij gebruik werd gemaakt van de Marmox THERMOBLOCK® R2 nano en Styrodur® C in spouw (80 mm) en vloer (40 mm). Met behulp van de gratis bij het WTCB te downloaden KOBRA-software van Physibel kan men een grafische voorstelling krijgen van het detail met isothermen en warmtestroomlijnen.






click to enlarge images